Keurmerk infraprojecten

Nyenrode Business Universiteit heeft een keurmerk voor infraprojecten ontwikkeld. De inframarkt heeft grote ambities met betrekking tot het verduurzamen van projecten. Daarbij is het cruciaal om onderscheid te kunnen maken tussen meer en minder duurzame projecten. Er zijn voor de bouwmarkt  goede meetmethoden ontwikkeld om duurzaamheidsaspecten in kaart te brengen. Voor de inframarkt bestond echter nog geen keurmerk die inzicht geeft in een brede, integrale toepassing van duurzaamheid op projectniveau. In opdracht van Dura Vermeer heeft Nyenrode dit ontwikkeld.

De belangrijkste kenmerken van het keurmerk

  • Dit het enige label dat zich richt op GWW én specifiek op ‘projecten’ i.p.v. bedrijven of branches.
  • Het geeft duidelijkheid over wat duurzaamheid behelst voor de infrasector
    (wat is het? Welke thema’s vallen hieronder?)
  • Het geeft concreet aan welke mate waarin een Infraproject hieraan voldoet
    (hoe goed doen we het?)
  • En het biedt concrete handvatten voor verbetering

Het uitgangspunt voor het keurmerk is dat wat er gemeten wordt, ook gemanaged wordt. Door te sturen op de onderdelen van het keurmerk, zorgen projectmanagers voor een integrale aanpak om infraprojecten te verduurzamen. Dit levert niet alleen meerwaarde op voor de huidige projecten, maar zorgt ook voor meervoudige waardecreatie die toekomstbestendig is.

Het keurmerk

Het label voor infra projecten bestaat uit vier thema’s waarbinnen in totaal dertien indicatoren zijn geformuleerd:

  1. Milieu en klimaat
    1. De mate waarin het project bijdraagt aan reductie van de milieu-impact, uitgedrukt in milieu kosten indicator (mki)
    2. De mate waarin het project bijdraagt aan de reductie van CO2-emissie, uitgedrukt in KG CO2-eq
    3. De mate waarin het project een emissie-vrije bouwplaats heeft

  2. Circulariteit
    1. Hoeveelheid gebruikt secundair materiaal (input)
    2. Hoeveelheid beschikbaar materiaal voor volgende cyclus (output)
    3. Hoeveelheid verloren materiaal (output)

  3. Sociale duurzaamheid
    1. De mate waarin rekening gehouden wordt met omwonenden
    2. De mate waarin rekening gehouden wordt met weggebruikers
    3. De mate waarin rekening gehouden wordt met vakmensen
    4. De mate waarin bij de realisatie van het project gebruik gemaakt wordt van inclusiviteit en diversiteit

  4. Natuur en Biodiversiteit
    1. De mate waarin bij realisatie en in gebruiksfase het project bijdraagt aan reductie van stikstofdepositie
    2. De mate waarin bij realisatie en in gebruiksfase het project bedraagt aan bevordering van biodiversiteit
    3. De mate waarin bij realisatie en in gebruiksfase het project bijdraagt aan goede waterhuishouding en bodemgesteldheid.

De implementatie

Het gebruiken van het keurmerk begint al in de gunningsfase, omdat daar veel condities bepaald worden voor het duurzaamheidsniveau van het project. Ook tijdens de uitvoering van het project en over verschillende projecten heen kan het keurmerk worden gebruikt.

Dit leidt tot meerwaarde voor diverse partijen. Allereerst voor de samenleving als geheel omdat het keurmerk bijdraagt aan daadwerkelijke verduurzaming van infraprojecten. Ook in de relatie tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers ontstaat meerwaarde door duidelijkheid en engagement te creëren tussen opdrachtgevers en opdrachtnemer(s) en door inzicht te bieden in good practices. In een bouwbedrijf zelf ontstaat meerwaarde, doordat het keurmerk de mogelijkheid biedt om een ondergrens qua duurzaamheid aan te brengen en medewerkers mee te nemen in de ambities rond duurzaamheid.