Rebels actieonderzoek – mét echte mensen, over echte kwesties

Jeanine Jansen en Jessica Peters volgen de PhD-cursus bij Nyenrode

18 december 2018
Opinie

Organisaties hebben dagelijks te maken met een werkelijkheid die niet alleen complex is en veranderlijk is, maar ook onzeker en zelfs ambigu. Welke uitdagingen zijn belangrijk om op te reageren, welke vragen zijn cruciaal om te stellen, waar liggen de echte sleutels voor succes? Welke veranderaanpak draagt op een duurzame wijze bij aan organisatie-ontwikkeling en verandering? Jeanine Jansen, programmamanager en docent Executive Education & Organizational Development bij Nyenrode, en Jessica Peters, directeur van Nyenrode Amsterdam, volgen de eerste PhD course ‘Action Research’ bij Nyenrode, op zoek naar antwoorden op deze vragen.

‘Tijdens één van de lessen op de Nyenrode PhD School kregen we een inleiding in actieonderzoek, gegeven door Danielle Zandee, hoogleraar Sustainable Organizational Development Nyenrode, en gasthoogleraar David Coghlan, emeritus hoogleraar Business & Administrative Studies aan het Trinity College Dublin. Aangezien actieonderzoek niet de meest gebruikelijke aanpak is voor promotie-onderzoek, geven we je een korte toelichting op deze 'rebelse' aanpak.

Wat is actieonderzoek?

Actieonderzoek gaat onder andere terug naar het werk van Kurt Lewin (hoogleraar MIT) en biedt mogelijk antwoord op de bijzondere uitdagingen van vandaag. Doel is om verandering te bewerkstelligen, kennis te ontwikkelen en dit in de praktijk te brengen.
Binnen de gangbare academische traditie neemt actieonderzoek een bijzondere plek in. Actieonderzoekers durven vragen te stellen vanuit een systemisch perspectief. En die vragen staan soms haaks op  ‘traditioneel’ academische principes. 

1.    Onderzoek vindt plaats met mensen, niet over mensen
2.    Blik is gericht op de toekomst, in plaats van op het verleden
3.    De onderzoeker participeert als iemand die reflecteert op het eigen handelen
4.    ‘Het onderzoek ontwikkelt zich op basis van voortschrijdend inzicht en maakt gebruik van andere manieren van weten

1. Onderzoek vindt plaats met mensen, niet over mensen
Actieonderzoekers werken bij voorkeur niet op afstand als observatoren en ontwikkelen hun vraagstelling in co-creatie mét de betrokkenen. Uitgangspunt is dat er in de menswetenschappen, in tegenstelling tot in de natuurwetenschappen, niet zoiets bestaat als een objectieve werkelijkheid 'daarbuiten'. De benadering is 'bottum-up' en democratisch. Of zoals David Coghlan het simpelweg verwoordt: "Het gaat om échte mensen die gezamenlijk werken aan échte kwesties.

2. Blik is gericht op de toekomst, in plaats van op het verleden
Dus liever dan de focus op het vinden, beschrijven, bewijzen, begrijpen of uitleggen van de 'waarheid' over wat 'was' of 'is', wil actieonderzoek het antwoord vinden op de vraag 'wat zou kunnen zijn'. Actieonderzoekers worden gedreven door een behoefte om maatschappelijke impact te hebben, praktische kennis op te doen én door een gedegen bijdrage te leveren aan de wetenschap met oog op vervolgonderzoek.

3. De onderzoeker participeert als iemand die reflecteert op het eigen handelen
Actieonderzoek gaat uit van de gedachte dat je In de sociale en gedragswetenschappen eigenlijk geen "zuiver" en objectief onderzoek kunt doen zoals bij de natuurwetenschappen. Mensen creëren betekenis, ze interpreteren, en zijn onvoorspelbaar en inconsequent. Altijd neemt de onderzoeker zijn wereldbeeld mee – zowel bij de opzet, de analyse en interpretatie van onderzoeksdata. Dat vraagt een reflectieve mindset en openheid over aannames, keuzes, onzekerheden en het leerproces gedurende het onderzoek. Deze reflectie biedt ruimte voor het - soms rauwe en eerlijke - onderzoeksproces: de inconsequenties, twijfels en dilemma's die komen kijken bij het werken met mensen.

4. Het onderzoek ontwikkelt zich op basis van voortschrijdend inzicht en maakt gebruik van andere manieren van weten
Tot slot laat actieonderzoek ruimte voor bijsturing van het onderzoeksproces door te putten uit verschillende manieren van weten (intellectueel, empirisch, praktisch, artistiek), met behulp van zowel kwalitatieve als kwantitatieve methoden. Het aantonen of weerleggen van hypotheses of het volgen van een gedetailleerd onderzoeksplan maakt plaats voor een continue reflectiecyclus (diagnose-planning-actie-evaluatie-diagnose enz.) en experimenten waarbij iedereen met elkaar samenwerkt. Actieonderzoek - wat een vleugje 'agile' heeft - zou dus wel eens heel goed kunnen passen in de huidige complexe, veranderlijke, onzekere en ambigue wereld waarin veel organisaties vandaag de dag bestaan.

Overweeg je zelf praktijkgericht actieonderzoek te gaan doen of wil je meer weten? David Coghlan gaf ons een aantal richtinggevende vragen om je denkproces alvast op weg te helpen:
•    Waar in het leven maak jij je grote zorgen over of wat ligt je na aan het hart?
•    Binnen welk groter geheel moeten we die zorg of wens zien?
•    Wat voor nut heeft het om er iets aan te doen?
•    Met wie moet je hieraan werken of mee beginnen te werken?
•    Wat zijn de mogelijke gevolgen als je hieraan zou werken?
•    Over welk aspect van jezelf zou je meer moeten weten om het te laten slagen?
•    Stel je praat erover met buitenstaanders, hoe leg je het dan in eenvoudige bewoordingen uit?

De rebelse aanpak van Danielle en David inspireerde ons tot het doen van academisch onderzoek voor maatschappelijke impact, met concrete acties en het verkrijgen van kennis in de praktijk.’

Wil je meer weten over de PhD School op Nyenrode, neem dan contact op met phd@nyenrode.nl.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Nyenrode deelt kennis om leiders en professionals te helpen tijdens de coronacrisis. Abonneer je op L.E.S. in crisis.