Sentire Aude; leider, durf te voelen

Wat heeft moed met leiderschap te maken? Edgar Karssing, docent ethiek aan Nyenrode Business Universiteit geeft workshops Moed, zo ook in het Senior Leadership Development Program (SLDP) van Raoul Wirtz. Je leest een dialoog tussen de twee collega’s met een duidelijke conclusie: “Moedig zijn kan je leren. Nee, moed leren moet”, aldus Edgar Karssing.

Edgar: Raoul, je eerste jaar als programma-manager van het leiderschapsprogramma SLDP zit erop. Wat is nu jouw kijk op leiderschap?

Raoul: Dat blijft een lastige vraag. Het is een veelomvattend begrip. Maar ik heb wel een werkdefinitie: leiderschap is goed om kunnen gaan met je eigen beperkingen en die van anderen.

Edgar: Welke beperkingen bedoel je dan?

Raoul: Mensen houden zichzelf al te vaak voor de gek. Niet alleen in hun ‘logisch’ nadenken, maar ook in hun moreel handelen, het ‘leugentje om bestwil’ zeg maar. En ook, en die vind ik het allerbelangrijkst, in contact met anderen. Dat laatste herkennen en veranderen is wat mij betreft de kern van leiderschap.

De microfysica van leiderschap

Edgar: Daarmee maak je leiderschap dus heel klein.

Raoul: Ja, is dat niet goed?

Edgar: Zeker wel, dat spreekt mij ook zeer aan. Mijn favoriete boek over leiderschap is Leading Quietly van Badaracco. Hij vindt dat we teveel doen alsof leiderschap vooral heroïsch moet zijn, terwijl voor de meeste mensen klein of stil leiderschap al een hele uitdaging is. En, ook niet onbelangrijk, dat stille leiderschap, dat we terug kunnen zien in kleine en onopvallende daden, zorgt dat heel wat belangrijke problemen worden opgelost. Dat maakt de wereld een stuk aangenamer.

Raoul: Mooi gezegd, stil of klein leiderschap. Ik heb mijn werkdefinitie uit het beste leiderschapsboek van de 21ste eeuw: ‘Durf te leiden’ van Brené Brown. Leiderschap gaat volgens haar om het open en kwetsbaar aangaan van de verbinding met anderen vanuit je eigen waarden.  En dat is spannend. Daarom spreekt ze over moedig leiderschap. Helaas ziet ze vooral ‘gepantserd leiderschap’. Dat is leiderschap vanuit angst, vermijding, vooroordelen. Wat het boek zo waardevol maakt is dat het leiderschap terugbrengt tot ‘gewone mensen’ proporties. De microfysica van leiderschap, voor alledaagse heldendaden.  

Edgar: En op die manier sluiten de twee boeken mooi op elkaar aan. Ook Badaracco kijkt naar de microfysica van leiderschap. Belangrijke begrippen zijn zelfbeheersing, bescheidenheid en vasthoudendheid. Waarbij je realistisch en pragmatisch bent, terwijl je de moed hebt om vast te houden aan je eigen morele kompas.

De sleutel voor groei

Edgar: In mijn workshop over moed proberen we moed klein te maken. Je hoeft geen held te zijn om in lastige situaties moed te tónen. Moed is wat mij betreft een vaardigheid die je kan leren door oefening, door te doen. En je mag ook rustig angsten kennen. Met een mooie uitspraak van John Wayne: ‘Courage is being scared to death – but saddling up anyway.’

Raoul: Angsten, daar praten we veel te weinig over. Terwijl dat zo belangrijk is als je goed om wilt leren gaan met je eigen beperkingen. Niet dat angst een beperking is, angst is een belangrijk signaal dat er gevaar dreigt. De uitdaging is, zoals je John Wayne zo mooi laat zeggen, om desondanks toch je paard te zadelen. Je moet luisteren naar je angsten, maar je bent je angsten niet, je hebt je angsten.

Edgar: Voor mij slaat moed in situaties waarin sprake is van gevaar de brug tussen oordelen en doen. Die gevaren roepen angst op. De angst om onaardig te worden gevonden, om te falen, om uitgesloten te worden, om je baan kwijt te raken. De eerste stap is die angsten te erkennen. Ze mogen er zijn.

Raoul: En de tweede stap?

Edgar: Ondanks die angsten jezelf de vraag stellen: en wat ga ik nu doen? Met de deelnemers aan de workshop gaan we dan op zoek naar een handelingsrepertoire. Wat zijn je mogelijkheden, hoe kan je zonder je eigen kop te verliezen toch het verschil maken? Dat vereist een hart – een moreel kompas. Maar ook hoofd en handen. Je neemt tijd om na te denken en op een slimme manier je stappen zetten. Natuurlijk kan je halsoverkop het gevaar tegemoet rennen. Dat kan zelfs tot goede resultaten leiden, maar dat is dan meer een kwestie van geluk dan van wijsheid.

Raoul: Ik ben blij te zien dat het motto voor onze leiderschapsprogramma’s: hoofd, hart, handen nog springlevend is. André Wierdsma, een van mijn mentoren, leerde mij: Uit wat je doet, blijkt wat je hebt geleerd. Brown schrijft dat “de manier om informatie van je hoofd naar je hart te verplaatsen via je handen gaat”. In een ‘outtake’ gesprek zei een SLDP deelneemster: “Het programma heeft een boost in mijn zelfvertrouwen gegeven. Door dingen gewoon te doen. Ik stuur nu wel het mailtje aan mijn CEO. Dan schrijf ik: Ik heb moed verzameld om dit te schrijven, maar vind toch dat je moet weten dat ik er zo over denk.” Alledaags heldendom!

Tijdens het Senior Leadership Development Program groei je verder als strategische sparringpartner van het bestuur en vergroot je jouw kracht om organisatieveranderingen echt waar te maken.