SER advies: hardere maatregelen nodig voor vrouwen in de top

Op 20 september 2019 heeft de SER een advies uitgebracht waarin zij pleit voor hardere maatregelen om het aandeel vrouwen in de top van Nederlandse bedrijven te vergroten. De aanleiding voor het advies is dat op dit moment de groei van het aantal vrouwen in topposities binnen bedrijven nog te langzaam gaat.

Sinds 2013 is er een wettelijk streefcijfer voor grote NV’s en BV’s om minimaal 30% vrouwen en minimaal 30% mannen in hun bestuur en raad van commissarissen te hebben. Deze regeling werkt op basis van het pas-toe-of-leg-uit systeem: bedrijven dienen de regel toe te passen of zij dienen in het bestuursverslag uiteen te zetten waarom zij niet voldoen aan de regeling, hoe zij hebben geprobeerd de 30% te behalen en hoe zij in de toekomst denken de 30% te gaan behalen. In eerste instantie liep de regeling af op 1 januari 2016, maar omdat er te weinig resultaat was geboekt is deze wet verlengd tot 1 januari 2020. In de tussentijd is er slechts beperkte vooruitgang geboekt: in 2018 was slechts 12,4% van de bestuurders en 18,4% van de commissarissen vrouw, volgens de laatste cijfers van de Bedrijvenmonitor 2019.

Ingroei-quotum

De SER adviseert nu om zogeheten ‘ingroei-quotum’ in te voeren van minimaal 30% vrouwen en 30% mannen voor de samenstelling van de raad van commissarissen. Dit quotum zou moeten gelden voor alle beursgenoteerde bedrijven in Nederland, zo luidt het advies. Nieuw aan dit voorstel is de introductie van een sanctie. Indien bedrijven hier niet aan voldoen, dan zal een eerstvolgende benoeming die niet bijdraagt tot het behalen van het percentage nietig worden verklaard. Dit betekent dat de benoeming geen doorgang vindt en dat de stoel derhalve leeg blijft. De SER pleit alleen voor een dergelijk quotum voor de raad van commissarissen en niet voor het bestuur. De SER verwacht namelijk dat een evenwichtigere samenstelling van de raad van commissarissen ook een positief effect zal hebben op de samenstelling van het bestuur, aangezien de raad van commissarissen bevoegd is de bestuurders te benoemen of de mogelijkheid heeft om een voordracht te doen. De SER hoopt dat een quotum met een harde sanctie een effectieve maatregel biedt.

Het huidige streefcijfer, zoals dit in 2019 nog geldt, is van toepassing op alle grote NV’s en BV’s. Het quotum zoals door de SER wordt voorgesteld betreft echter alléén beursgenoteerde bedrijven. Voor de bedrijven die nu onder het wettelijke streefcijfer vallen en in de toekomst niet onder het quotum vallen (mocht het advies worden overgenomen), heeft de SER het voorstel opgenomen om voor te schrijven dat zij een ambitieus streefcijfer formuleren voor de samenstelling van hun bestuur, raad van commissarissen en tevens de subtop. Wat de subtop is kan binnen bedrijven worden gedefinieerd. Indien er van het streefcijfer wordt afgeweken, moet worden gemotiveerd waarom hiervan is afgeweken. Tevens dienen bedrijven een plan op te stellen waarin zij uitleggen hoe zij het streefcijfer kunnen realiseren. De reden voor de introductie van het formuleren van eigen streefcijfers voor bedrijven is dat hiermee meer recht wordt gedaan aan verschillen binnen bedrijven en hierdoor maatwerk mogelijk is, aldus de SER.



Bron: nieuwsbrief Nyenrode Corporate Governance Instituut, september 2019.


Artikelen en columns gepubliceerd op de website en in de nieuwsbrief van het NCGI weerspiegelen niet per definitie een algemene visie van het NCGI, maar worden door auteurs op persoonlijke titel geschreven. Reageren kan via ncgi@nyenrode.nl.