Besturen in crisistijd

In deze crisistijd wordt premier Rutte gezien als bekwaam bestuurder die landsbelang stelt boven partijbelang. Dat is overigens wel eens anders geweest. Een voorbeeld van zijn nu getoonde cybernetische vaardigheden gaf hij tijdens enige persconferenties in de periode maart – mei 2020. Ik neem de boodschappen die hij toen bekend maakte, als voorbeeld van de dilemma’s waarvoor ondernemingsbestuurders zich in crisistijd gesteld zien.

Rutte herhaalde wat hij eerder al had benadrukt, namelijk dat de besmettelijkheid van het virus noopt tot verstrekkende maatregelen. Daarover bestaat vrijwel geen meningsverschil. Onzekerheid bestaat over de werking en het effect van die maatregelen. Wel staat vast dat zónder die maatregelen, het pandemische virus ongecontroleerd zou toeslaan en groot leed en onvoorstelbare maatschappelijke en economische schade zou veroorzaken. De genomen maatregelen bleken gaandeweg positief effect te sorteren, maar dat relatieve succes kon in de woorden van Rutte aanvankelijk geen aanleiding zijn voor wezenlijke verlichting van die maatregelen. De onzekerheid over de oorzaken en kenmerken van het virus, en ook over de schade op korte en lange termijn, in combinatie met het ontbreken van een vaccin en de twijfel over de noodzakelijke duur van de ingezette maatregelen, betekenden voor de regering dat er slechts ruimte was voor beperkte versoepelingen. 

Vertrouwen en onzekerheid

De overtuigingskracht van Rutte’s boodschap wordt versterkt door enerzijds de openheid over de moeilijkheidsgraad van de noodzakelijke beslissingen, en anderzijds door zijn uitleg over de nationale en internationale onzekerheid die bestaat over de beste aanpak van de crisis. Gezag wordt ook ontleend aan de transparantie over het besluitvormingsproces. Het multidisciplinaire Outbreak Management Team, de GGD en het RIVM spelen een belangrijke niet-politieke en wetenschappelijke rol. Aan de roep om meer expertise te raadplegen en tegelijkertijd zelf meer politieke regie te voeren, wordt voldaan. Waar bijvoorbeeld Frankrijk zich omvormde tot een politiestaat en Zweden een vrijwel tegenovergesteld beleid voerde, zijn de volksgezondheidsresultaten in die landen vergelijkbaar met die in Nederland.

Toch neemt het vertrouwen in het Corona-beleid geleidelijk af. Steeds luider wordt geroepen om verlichting van de lockdown met een beroep op maatschappelijke en economische argumenten. Ook de wetenschappelijke autoriteit van het RIVM en de GGD en de adviezen van het OMT worden minder gezien als dwingende leidraad. Dit alles is waar te nemen in het publieke debat waar eigen belang, economische argumenten, maatschappelijke nood en tal van andere deelonderwerpen strijden met de regeringsboodschap van matiging en terughoudendheid. Dit speelde zich steeds duidelijker af in de laatste twee weken van april.

In de persconferentie van 29 april 2020 schetste Rutte het mogelijke stappenplan om te komen tot uiteindelijke beëindiging van de beperkende maatregelen, een exit strategie. Hij beantwoordde daarmee de vraag om meer duidelijkheid die was opgekomen na de eerdere persconferentie van 21 april 2020. De geformuleerde – en door Rutte benadrukte – voorwaarden zijn zodanig dat het de vraag is en blijft of die voorwaarden wel vervuld kunnen worden. Het is zelfs de vraag of en wanneer er sprake kan zijn van de exit binnen de genoemde periode. Kortom, de onzekerheid over het antwoord op cruciale vragen blijft. Die onzekerheid werd ook benadrukt in de persconferenties in mei waarin verdere voorwaardelijke verlichting in het vooruitzicht werd gesteld.
Het gaat om “radicale onzekerheid”. 

'Radical Uncertainty'

Onder de titel 'Radical Uncertainty' publiceerden twee Britse economen eerder dit jaar een lijvig boek. De auteurs zijn John Kay en Mervin King. Kay is vooraanstaand wetenschapper en consultant en King is voormalig governor van de Bank of England. Het is een boek dat ik onder andere omstandigheden niet zou hebben aangepakt: het telt maar liefst 528 pagina’s en lijkt voor een jurist minder toegankelijk. Toch waagde ik een poging omdat de titel mij fascineerde. De grote vraag was of in dat boek een aanknopingspunt te vinden zou zijn ter bestrijding van de verontrustende onzekerheid die sinds het uitbreken van de crisis alleen maar toenam. Ook Rutte wees daarop door zijn opmerking dat met 50% van gegevens 100% van de beslissingen moest worden genomen.

Essay

In onderstaand essay volgen beschrijvingen van enige onderdelen van het boek die voor mij leerzaam waren. Het is geen boekbespreking, maar een selectie van die zaken die ik, zonder wetenschappelijke kennis van de (financiële) economie, vanuit een juridische blik op corporate governance boeiend en leerzaam vind. Ik zal deze elementen en de besluitvorming door de regering tijdens de corona crisis spiegelen aan vergelijkbare omstandigheden van radicale onzekerheid waarin van ondernemingen goed bestuur wordt gevraagd. Aan het slot van dit essay zal ik trachten les te trekken uit deze vergelijkende analyse, hetgeen dienstig kan zijn bij besluitvorming door ondernemingen in radicaal onzekere omstandigheden.




Bron: nieuwsbrief Nyenrode Corporate Governance Instituut, juni 2020.


Artikelen en columns gepubliceerd op de website en in de nieuwsbrief van het NCGI weerspiegelen niet per definitie een algemene visie van het NCGI, maar worden door auteurs op persoonlijke titel geschreven. Reageren kan via ncgi@nyenrode.nl.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Nyenrode deelt kennis om leiders en professionals te helpen tijdens de coronacrisis. Abonneer je op L.E.S. in crisis.