Accountants moeten vervelende zaken helder gaan communiceren

Weer is een Nederlandse onderneming in beeld in verband met mogelijke corruptie. En weer is de rol van de accountant onduidelijk. Na strafrechtelijke onderzoeken tegen Ballast Nedam, Damen Shipyards en onderdelen van SHV, is het nu de beurt aan bouwbedrijf Strukton. De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) en het Openbaar Ministerie (OM) deden recentelijk een inval bij dit bouwbedrijf. Aanleiding is een metroproject in de Saoedische hoofdstad Riyad.

Het is niet de eerste keer dat Strukton in verband met fraude in beeld komt. Het bedrijf was één van de hoofdrolspelers tijdens de bouwfraude die zich aan het begin van deze eeuw in ons land afspeelde. Strukton pleegde samen met twee andere bedrijven valsheid in geschrifte bij het project ‘Schipholtunnel’, door het opmaken van facturen voor werkzaamheden die niet of tegen een lagere prijs waren verricht. De drie betrokken bedrijven moesten ƒ50 miljoen (omgerekend: €22.689.000) aan ten onrechte verkregen subsidie terugbetalen en een strafrechtelijke boete voldoen.

Onderzoek

Dat er bij Strukton opnieuw iets in de ‘lucht hing’ kon reeds worden afgeleid uit het directieverslag 2016. Daarin wordt verhaald over het metroproject in Riyad, een project waarbij werd gewerkt met tussenkomst van een lokale agent. De raad van commissarissen (rvc) van Strukton heeft in 2016 - in het kader van anti-corruptie en integriteit - een onderzoek naar het contract met de agent ingesteld. Bij dit onderzoek werd ook de hulp van externe deskundigen ingeroepen.

Het is wonderlijk dat niet wordt gemeld wat de aanleiding tot het onderzoek was. En ook over de uitkomsten van het onderzoek is men bij Strukton zuinig: er waren geen onregelmatigheden, maar het contract met de agent had ‘met meer compliancewaarborgen omgeven kunnen worden’, zo meldt het onderzoeksrapport.

Ik noem dat citaat een ‘kluitje-in-het riet-frase’, een nietszeggende zin. En wie zijn eigenlijk die externe deskundigen bij dit onderzoek? Advocaten wellicht, die in dergelijke zaken zorgen voor het ‘klein houden’ (containment) van de zaak? We zagen dat eerder gebeuren in kwesties bij onder meer Ahold, SBM Offshore en de NS. De praktijk leert dat dergelijke onderzoeken voor het betrokken bedrijf wellicht nuttig kunnen zijn, maar dat zijn ze voor de buitenwereld nauwelijks. De rechter vatte in de Ahold-kwestie een dergelijk onderzoek niet als deskundigenonderzoek op, bij SBM Offshore moet een betrokken advocaat binnenkort in een getuigenverhoor kritische vragen beantwoorden, en in de NS-kwestie werd de advocaat tuchtrechtelijk veroordeeld.

Elders in het jaarverslag 2016 van Strukton staat dat de agent een percentage van de contractsom kreeg en dat: ‘De inzet van de agent voor de in de agentenovereenkomst vastgelegde werkzaamheden niet gedocumenteerd is’. Het is deze laatste omstandigheid – een gebrek aan adequate documentatie – die maakt dat accountant PwC over 2016 een verklaring met beperking heeft afgegeven. En dat is terecht, omdat de accountant ten aanzien van dit punt niet voldoende en geen geschikte controle-informatie heeft verkregen.

In het volgende jaarverslag 2017, noemt Strukton wederom het onderzoek naar de agentenovereenkomst. De tekst is soortgelijk aan die in het jaarverslag 2016. Zo niet de controleverklaring van de accountant in 2017, want die is ditmaal goedkeurend. Dat wil zeggen: zonder de in 2016 genoemde beperking in het oordeel, hetgeen ik – bij gebrek aan enige toelichting - niet begrijp. Wat ik wel begrijp is dat de gebruikers van jaarrekeningen (waaronder aandeelhouders, overheidsinstellingen en crediteuren) in een dergelijke situatie graag van de accountant willen horen of de problemen, die in 2016 aanleiding gaven tot een oordeel met beperking, in 2017 zijn opgelost. Heeft de accountant alsnog voldoende en geschikte controle-informatie over de agentenovereenkomst gekregen? Kortom: wat is er plots veranderd?

Helderheid

Het zijn dit soort voorbeelden waarin een accountant helder moet communiceren. Geen mist en ‘containment’, maar helderheid over het totale plaatje. Zeker nu de beroepsgroep stelt van onderwerpen als fraude, corruptie en witwassen een speerpunt te maken. Niets is makkelijker dan in de af te geven verklaring een ‘key audit matter’ op te nemen, en toe te lichten welke omstandigheden er in 2017 precies zijn veranderd en nu wel tot een goedkeurende verklaring hebben geleid. Door dat na te laten roept de accountant de kritiek over zich af. Zeker omdat de FIOD, ondanks dat de rvc en externe deskundigen (lees: hun advocaten) geen onregelmatigheden constateerden, alsnog een inval heeft gedaan.



Bron: nieuwsbrief Nyenrode Corporate Governance Instituut, februari 2019.

Deze column is ook gepubliceerd in Het Financieele Dagblad, ‘Accountants moeten vervelende zaken helder gaan communiceren', d.d. 24 februari 2019.


Artikelen en columns gepubliceerd op de website en in de nieuwsbrief van het NCGI weerspiegelen niet per definitie een algemene visie van het NCGI, maar worden door auteurs op persoonlijke titel geschreven. Reageren kan via ncgi@nyenrode.nl.